va vous faciliter la vie

ondernemingsloket

De verantwoordelijkheid van de aangestelde (Burgerlijk Wetboek)

De ondernemer die zelf geen diploma's of bedrijfsleiderservaring kan voorleggen, kan beroep doen op een aangestelde die volmacht krijgt om het bedrijf te leiden of om de dageljkse technische leiding waar te nemen indien de onderneming een gereglementeerde activiteit uitoefent. Dit gebeurt onder de vorm van een mandaat of volmacht.

De juridische toestand van het mandaat wordt geregeld in Boek III, Titel XIII van het Burgerlijk wetboek (Art. 1984 e.v.)

- Totstandkoming : (liefst) schriftelijk, met expliciete aanvaarding door de lasthebber.

- Duur :                     Zolang de volmacht niet ingetrokken wordt door één van de partijen.

- Einde :                   - Door herroeping van de volmacht door de lastgever. De rechtsleer is het ongeveer unaniem eens dat dit slechts voor de toekomt kan gebeuren.

                                  - Door opzegging door de lasthebber. Intrinsiek betekent "opzegging" een begrip dat verwijst naar de toekomst.

                                  - Door de dood van één van beide partijen.

- Gevolgen :             Lastgeving betekent dat de lasthebber de verantwoordelijkheid draagt voor taken die hem opgelegd werden en die hij expliciet aanvaard heeft. Hij is verantwoording verschuldigd aan de lastgever, zowel voor de daden die hij gesteld heeft, als voor de daden die hij niet gesteld heeft. Hij is ook tegenover derden verantwoordelijk voor de daden die hij lastens zijn mandaat gesteld heeft. Schadeeisen zijn mogelijk indien fouten begaan zijn.

                                  Zolang de lastgever hem niet openbaar ontheft blijft de lasthebber aangesteld. Daarom wordt de lastgeving van het bedrijfsbeheer of van de dagelijkse technische leiding in de Kruispuntbank van Ondernemingen verbonden aan een begin- en een einddatum.

                                  Het valt voor dat de aangestelde-lasthebber zich, na de lastgeving aanvaard te hebben, rekenschap geeft dat zijn toestand ongunstige gevolgen met zich meebrengt. Zo kennen wij gevallen van lasthebbers die van een inkomensvervangende uitkering genieten en omwille van het mandaat een zelftandigenstatuut moeten aannemen (bv familiale helpers). Wanneer de uitkerende organismen hun uitkering weigeren te betalen, dienen zij aan het ondernemingsloket een ontslag in met terugwerkende kracht. Zij moeten weten dat dit in het burgerlijk recht niet mogelijk is. Elke rechtbank die met dergelijke toestand geconfronteerd wordt zal de lasthebber in het ongelijk stellen.

Top